Marokko een andere wereld

Door: Chiel de Graaf

Van 4 maart tot 5 april maakten wij een georganiseerde groepsreis voor motorhomes door Marokko, onder begeleiding van Kangaroo en vertrekkend vanuit Tarifa.
Wij vertrokken op 19 februari en kwamen op 19 april weer thuis.

1. Naar Zuid-Spanje.

Via Antwerpen gaan we met de camper de snelste route zuidwaarts om maar zo snel mogelijk wat beter weer te bereiken. In Arras (Noord-Frankrijk) vinden we op de “Grand Place” onze eerste vrije overnachtingplaats. Wat een prachtig centrum heeft dit stadje, we zijn hier al meermalen langs gekomen maar nooit het stadje ingereden.
Via de A 1 naar Parijs en vervolgens de route rond Parijs en via Orleans en Tours richting Poitiers.
In Dissay aan de N 10 zo´n 5 km ten noorden van Poitiers vinden we een prachtige overnachtingplaats voor onze motorhome op het parkeerterrein van Maison des Pays. Wat zijn die fransen toch heerlijk gastvrij, je kunt hier gratis lozen en water innemen, er zijn toilets en alles is gratis. Moet je bij ons eens om komen. Via Bordeaux rijden we richting Spaanse grens. In Baskenland zoeken we in Zarautz een fraai gelegen camping op. Via Bilbao en Burgos rijden we richting Madrid en na een uurtje rijden begint de lucht te breken en voor we Madrid bereiken is de lucht schoon. Dat is wat we willen zien.

We passeren Madrid aan het eind van de middag en houden de N IV-E5 aan richting Cordoba. In Aranjuez, 30 km ten zuiden van Madrid, vinden we een prachtig stadje om te overnachten. In Granada vinden we op het parkeerterrein van het Alhambra onze volgende overnachtingsplaats, kost € 12,50 maar is s’nachts bewaakt en dan mag het best iets kosten. Bij Motril komen we de volgende dag aan de middellandse zeekust en op het Playa de Granada drinken we, heerlijk in de zon zittend, onze koffie. Dit is de Costa del Sol en de dagtemperatuur loopt hier op tot zo´n 15 – 20 graden en dat ervaren we als zeer aangenaam in februari.

Via Gibraltar rijden we onze camper naar Tarifa waar we op camping Torre de la Pena worden verwacht als begin van onze groepsreis en vertrekken op 4 maart met de campers in colonne naar Algeciras voor de overtocht naar Marokko.

2. Van Tanger naar Casablanca.

In Tanger aangekomen moeten eerst de douaneformaliteiten worden vervuld. We kunnen nu voor het eerst kennis maken met de Marokkanen en dat blijkt lang niet tot ieders genoegen te zijn. Het is hier, naar onze begrippen, een chaotisch gedoe en je weet absoluut niet wie of wat je moet. Ook de manier, waarop je behandeld wordt, ervaren we niet direct als erg prettig. Als wij de Marokkanen, die in ons land wonen of verblijven, zo zouden behandelen, dan zouden we als racisten worden bestempeld. Maar allah… dit is Afrika. Van Tanger rijden we met onze camper naar Asilah en staan daar voor het eerst op een Marokkaanse camping of wat daar voor door gaat. We zijn blij dat we alles “aan boord” hebben want het Marokkaanse sanitair laat ik graag voor de Marokkanen. Je toilettank leeg je hier gewoon in het toilet, van een chemische stortplaats hebben ze hier nog niet gehoord. Volgens mij loopt alles via het riool zo de zee in. Ik heb daar wel moeite mee maar we kunnen het toch niet veranderen dus moet het maar zo.

Asilah is een gezellig stadje en een leuke plek om rustig kennis te maken met het leven op z’n Marokkaans en je kunt er geld pinnen. Je kijkt de eerste dagen je ogen uit, er lopen hier zoveel mensen langs de weg dat je denkt dat er wat bijzonders aan de hand is. Maar dat is het meest gebruikte middel van vervoer hier. Ook wordt de ezel ( op vier benen wel te verstaan ) hier nog heel veel gebruikt als lastdier.

De route gaat zuidwaarts langs de kust en wij besluiten de binnenwegen aan te houden om zoveel mogelijk te kunnen zien. Moulay Bousselham is een leuk plaatsje aan de kust, gelegen aan een grote lagune waar veel vogels voorkomen.
We zien hier, weliswaar op flinke afstand, een grote groep flamingo’s. Camping de la Plage in Saleh, de tweelingstad van Rabat, is onze volgende stop. De camping ligt op korte afstand van de gezellige medina van Saleh.

Marokko Erewachten te paard in Rabat.

In Rabat bezoeken we uiteraard het mausoleum van Mohammed V met zijn opvallende erewachten te paard. Op hetzelfde plein vind je ook de “Toren van Hassan”, die 80 meter hoog had moeten worden maar men is op 40 meter blijven steken. Het had onderdeel moeten worden van de grootste moskee ter wereld maar dat is nooit gerealiseerd.

Als we terug naar de camping willen krijgen we te maken met de Marokkaanse taxiwereld. Omdat Saleh een andere plaats is mag de “petit-taxi” ons daar niet naar toe rijden, we moeten een “grand-taxi” hebben. De taxichauffeur brengt ons naar de standplaats van de grand-taxi. Daar blijken slechts twee taxi’s te staan, de drie chauffeurs zijn plots in heel druk overleg met elkaar. Als wij in de voorste taxi plaats nemen vraagt de taxichauffeur ons 200 dirham voor de rit naar Saleh, een ritje van hooguit 6-8 minuten waarvoor een normale prijs zou moeten gelden van ca.30-40 dirham. Door onderhandelen wil de chauffeur uiteindelijk de rit doen voor 100 dirham. Wij overwegen de andere taxi te nemen maar realiseren ons dat de chauffeurs waarschijnlijk wel afspraken met elkaar hebben gemaakt dus daar zien we van af. Ook uitstappen en gaan lopen is geen optie omdat mijn vrouw slecht ter been is en we ook niet weten waar we zijn in de stad, dus gaan we uiteindelijk met tegenzin akkoord. Maar we weten zeker dat we getild zijn. Maar ja, dit is Marokko.

Vanuit Saleh/Rabat nemen we met de camper de kustweg naar Casablanca en kunnen onderweg genieten van een grillige rotsige kust met een prachtige branding die soms het water huizenhoog doet opspuiten. Ook zien we de vele riolen die hier in zee uitmonden en het water danig verontreinigen, hetgeen soms erg goed te ruiken is om nog maar te zwijgen van de kleur van het water.

Casablanca blijkt een grote, westers aandoende, stad te zijn met heel druk verkeer. Camping Oasis, waar we met de camper verblijven, is een echte stadscamping en blijkt zelfs een stortplaats voor campers te hebben. t’Zal wel rechtstreeks de zee inlopen ben ik bang.
De moskee Hassan II is groot en indrukwekkend en, als enige in het land, voor toeristen opengesteld. Een bezoek is hij zeker waard maar ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat hij gebouwd is om indruk te maken en minder als religieus centrum. Er waren nauwelijks Marokkanen aanwezig tijdens ons bezoek en een buiten de moskee verblijvende vrouw werd door de in ruime mate aanwezige politie hevig protesterend afgevoerd om voor ons onduidelijke redenen.

 3. Van Casablanca naar Agadir.

Verder langs de kust zuidwaarts trekkend belanden we vervolgens in Oualidia, waar op de camping met de fraaie naam “Les Sables dÓr” de stroom blijkt te zijn uitgevallen en een groot deel van de camping lijkt op een Hollandse ijsbaan wachtend op koning winter.

Vlakbij de camping blijkt een goed visrestaurant te zijn waar we overdadig en lekker eten.In Safi, verder zuidwaarts langs de kust gelegen, bekijken we het fort, wat aan de kust is gebouwd, en gaan we de keramiekindustrie bekijken. Safi is bekend om zijn keramiek maar je mag niet zien onder welke omstandigheden het hier gemaakt wordt. In kleine en donkere ruimtes werken hier tientallen mensen aan de fabricage en het beschilderen van deze keramiek onder omstandigheden die bij ons ondenkbaar zijn. Er is hier uiteraard ook een keur aan keramiek te koop waarbij je vanzelfsprekend weer flink moet afdingen op de prijs anders betaal je te veel.

s’Avonds strijken we neer in Essaouira, een heel leuk en gezellig stadje met een prachtige en bedrijvige haven waar je de vis langs de straat koopt en direct kunt laten klaarmaken om te eten. Hier kun je zowel bij de haven als naast de poort vrij staan op een parkeerterrein, wel tegen een vergoeding, want zo werkt dat hier.

Vanaf Essaouira begint een mooi gedeelte van de Marokkaanse kust, vaak heel rustig en met mooie plekjes om te staan. Juist ten noorden van Agadir is zelfs een plaats waar enkele honderden campers langs de kust vrij staan.
Hier leveren ondernemende Marokkanen water en andere benodigdheden ter plaatse aan de camperaars.

Agadir is een modern aandoende stad die, na een verwoesting in 1960 als gevolg van een aardbeving, geheel nieuw is opgebouwd. Hier vinden we weer een Marjane-supermarkt waar we onze voorraden weer op peil kunnen brengen. Je kunt hier zelfs met je creditkaart betalen.

4. Agadir – Marrakech.

Ten zuiden van Agadir wordt het landschap snel kaler en is de invloed van de naderende Sahara goed merkbaar. In Tiznit blijkt het meest zuidelijke tankstation van Marokko te zijn gevestigd waar nog loodvrije benzine te koop is. De autocaravan combinatie van Frans en Els heeft loodvrije benzine nodig en we moeten dus maar zien hoe ver ze kunnen komen. Het maakt Els nogal zenuwachtig, vooral als we met de camper de verharde weg verlaten op weg naar Fort Bou Sherif, een plaats in de woestijn. Daartoe moeten we over een afstand van ruim 5 km “piste rijden”, d.w.z. dat we over een nauwelijks begaanbaar pad moeten rijden. Els heeft het dan een beetje gehad, lijkt het, Frans, met zijn 82 jaar veruit de oudste van de groep, gaat echter onverstoorbaar door en we komen volgens plan aan.

Fort Bou Sherif is gevestigd bij een oude fortificatie, gelegen aan de vroegere grens met het Franse gedeelte, waar ongetwijfeld de legionairs nog hebben gelegen. Een franse arts heeft hier een hotel annex camping gevestigd waar je ook in bedouinententen kunt overnachten. Heel romantisch maar als het die nacht voor het eerst in 3 maanden begint te regenen moeten alle gasten geëvacueerd worden. De volgende dag maken we met 4 WD-jeeps een tocht door de woestijn naar het strand maar het is een koude en gure dag dus komt er van ons dagje strand niet veel meer terecht dan een wandeling met warme jassen en broeken aan. s’Avonds eten we in het restaurant op zijn Marokkaans.
Stroom wordt hier opgewekt door een aggregaat en is alleen beschikbaar als dit aggregaat loopt. s’Avonds om 11 uur gaat het uit en is alles aardedonker, ideaal om de sterrenhemel te bekijken. Jammer dat het wat te koud is om buiten te gaan zitten.

Via Guelmin rijden we een fraaie route naar Sidi Ifni en daar nemen we afscheid van de kust.

We gaan landinwaarts, via Tiznit, waar we nog een keer overnachten, rijden we terug richting Agadir om voor die stad, bij Ait Melloul, af te slaan en de richting Casablanca/Marrakech aan te houden. Bij Chichaou verlaten we de P 40,die verder gaat naar El Jadida en Casablanca, en slaan rechtsaf naar Marrakech, de stad die zijn naam aan het land heeft gegeven.

Marrakech is een mooie maar ook drukke stad met een plein, het Jemaa-el-Fna (plein der onthoofden) dat oorspronkelijk een executieterrein is geweest. s’Morgens wordt het plein in beslag genomen door verkopers van sinaasappelsap, kruiden, levensmiddelen en nog veel meer, ook tref je hier slangenbezweerders, waarzeggers, tandentrekkers, jongleurs en waterverkopers in prachtige kostuums aan. s’Avonds wordt het plein omgetoverd in een eetplein met heel veel kleine mobiele restaurantjes waar je alle soorten maaltijden kunt uitzoeken en laten bereiden, om U te vermaken treden er allerhande artiesten op. Maar alles kost hier geld, zelf het maken van een foto, maar het is echt een heel andere wereld en boeiend om naar te kijken. Vanaf het balkon van een aan het plein gelegen restaurant heb je een prachtig uitzicht over dit bonte spektakel.

Daarnaast heeft Marrakech nog veel te bieden, zoals het Bahia Paleis, de “Graven van de Saadiers”, het museum “Dar Si Said” vol Marokkaanse kunst, en de Jardin Majorelle, een rustplaats in deze drukke stad. Ook een bezoek aan de medina en de daar gevestigde kruidendokter is zeker de moeite waard, al is het alleen maar voor de heerlijke massage die je daar voor 20 dirham kunt krijgen.

Al met al : Marrakech is een mooie stad en zeker een verblijf van enkele dagen waard. De temperaturen liepen hier in de middag op tot rond de dertig graden en dan is het bezoeken van bezienswaardigheden behoorlijk vermoeiend. Het is dan heerlijk om s’avonds, voor de camper zittend, lekker te genieten van de heerlijke temperaturen die hier in maart voorkomen en je te bedenken dat het in Nederland soms koud, nat en guur is.

5. Het zuiden van Marokko.

Vanuit Marrakech rijden we zuidwaarts met de camper, we gaan dwars door de Hoge Atlas en rijden de prachtige route over de Tichka-pas. Boven op de pas ligt nog sneeuw en kunnen we sneeuwballen gooien.
In Ait Benhaddou bezoeken we de ksar, dat is in feite een plaats die uit meerdere kasba’s bestaat en deze is nogal beroemd omdat hij gebruikt is als decor voor films als “Diamanten aan de Nijl” en “Lawrence of Arabia”. De plaatselijke bevolking is daar wel bij gevaren, de meeste oude kasba’s zijn nu verlaten omdat deze mensen van het met de films verdiende geld nieuwe huizen aan de andere kant van de rivier hebben gebouwd. Een gids leidt ons rond door de oude kasba’s en we krijgen een prima idee van de armoedige omstandigheden waaronder de mensen hier hebben geleefd en nog wel leven.

We overnachten in Ouarzazate en in de plaatselijke “Marjane” (franse supermarkt) kunnen we onze voorraden weer op peil brengen.

De route naar Agdz voert door een nogal kaal maar wel fraai berglandschap en we strijken daar neer op camping Palmeria. De eigenaar van de camping leidt ons hier rond door de kasba die naast de camping ligt en we zien nogeens hoe men hier leeft.

Volgens de gids heeft het hier 4 jaar niet geregend hetgeen de hier opgezette agricultuur nogal bemoeilijkt. Alles is gortdroog en je moet stapvoets rijden anders stuift alles er onder. (Een week later regent het hier pijpenstelen en moet de NKC-groep met behulp van trekkers van de camping worden gesleept.) De volgende dag, 25 maart, is het hier het feest van het water en we worden er op gewezen dat er met water naar ons gegooid kan worden want dat hoort erbij.

In Tamegroute, ca.18 km ten zuiden van Zagora, is deze dag een jaarmarkt en het is een prachtig schouwspel om te zien hoe mensen uit de weide omgeving naar deze markt komen. Op de markt is van alles te koop, vooral veel levensmiddelen en kleding. In Zagora maken we de volgende dag een tochtje op een kameel, een ervaring die je natuurlijk niet mag missen als je in de uitlopers van de Sahara zit. Het schouwspel is natuurlijk goed voor enkele opvallende foto’s. Ook het beroemde bord “Tombouctou 52 dagen” nemen we op de foto.

Van Zagora rijden we terug tot Tansikt en slaan daar rechtsaf de P 6956 op en via Tazzarine en Rissani rijden we een lange maar prachtige route door woestijngebied naar Erfoud. Hier wacht ons een kampement in de woestijn en als we dan ook nog getrakteerd worden op een heuse zandstorm hebben we het echte Sahara-gevoel te pakken. Een zandstorm is hier een belevenis die je eigenlijk niet mag missen, alhoewel het niet bepaald aangenaam is. Het zand is hier zo fijn als stof en dringt overal binnen. We sluiten alle deuren en ramen van de camper maar het dringt toch binnen, je kunt je naam op de tafel schrijven in het stof. Ook maken we een excursie de Sahara in met 4 WD jeeps en lopen op de echte grote zandduinen, zoals we die van de foto’s kennen. Je moet echter niet denken dat je hier alleen bent, het is hier een drukte van jewelste van groepen 4 WD voertuigen die door deze gebieden crossen. Soms leek het wel of er een leger ten aanval trok.

6. Van Erfoud via Fes naar Meknes.

We nemen nu afscheid van het diepe zuiden van Marokko en de Sahara en gaan weer noordwaarts, langs een spuitende woestijnbron(16 km ten noorden van Erfoud)richting Tagalm-pas.

s’Morgens bij vertrek is de temperatuur ruim boven de 25 graden, boven op de Tagalm-pas (1907 mtr) blijkt het slechts 8 graden te zijn. Op de hogere toppen ligt ook nog behoorlijk wat sneeuw. Op de camping in Midelt moet s’avonds de kachel weer aan want het is hier behoorlijk koud s’nachts. Wel een verschil met gisteren.

Onze camper is dankzij de regen inmiddels al weer wat opgeknapt, het losse stof is er weer af. Op de camping krijgt ook het interieur een goede beurt en zijn we het meeste Sahara-zand weer kwijt. s’Avonds zelf ook nog even onder de douche(er was op deze camping zelfs een warme douche)en we komen weer netjes voor de dag.

De volgende dag maken we een zeer interessante excursie(met 4 WD’s)naar oude loodmijnen bij Aouli in de Moulouya-kloof in de Hoge Atlas en krijgen hier een prima indruk van de omstandigheden waaronder de mensen hier(tot aan 1960)moesten werken en leven. Nu de mijnen gesloten zijn leven hier nog slechts enkele families die een bestaan vinden in de toeristen die hier nu komen. We gebruiken de(zelf meegebrachte)lunch zelfs in de woning van een van deze families, alhoewel woning een groot woord is voor zo’n onderkomen, en maken zo van heel nabij kennis met de levenswijze van deze mensen.

Via de P 21 rijden we naar Fes, waarbij we onderweg in het “Foret de Cedres” nog even de daar levende aapjes bewonderen. Deze blijken heel tam te zijn en aanmerkelijk minder lastig dan de ter plaatse opererende fossielenverkopers.

Fes(of Fez)is een stad met meer dan 1 miljoen inwoners en een bezoek meer dan waard. We bezoeken Fes-el-Bali, het oorspronkelijke en oudste deel van Fes. Bij Borj Nord, een oude vesting boven de stad, heb je een prachtig uitzicht over de stad met een medina waar je zonder gids verdwaald in de meer dan 9400 straatjes en steegjes. We bekijken de nieuwe poort van het koninklijk paleis, het mausoleum van Idriss II en de leerververijen.

Leerververij in Fes.

Ook hier sta je weer verbaast over het grote aantal kleine winkeltjes en je vraagt je af of die mensen daar wel een bestaan in kunnen vinden.

In een verkoophal van prachtige vloerkleden kun je een bestelling doen en deze in Nederland onder rembours laten afleveren.

Via Volubilis, de 100 jaar geleden ontdekte overblijfselen van een Romeinse stad uit een periode van ca.2000 jaar geleden, waar een zeer enthousiaste gids ons rondleidt, rijden we naar Meknes. Ook rijden we nog even door Moulay Idriss, een heilige stad van de Marokkanen en fraai gelegen tegen een berg.
We hebben vandaag de hele dag echter te maken met regenachtig weer dus eens even lekker rondwandelen is niet zo aantrekkelijk. Meknes is zeker een interessante stad maar na al het fraais, dat we al gezien hebben, doen we het hier rustig aan.

Wel ervaren we hier dat Marokkanen handig zijn en met beperkte technische middelen alles kunnen repareren. Een breuk in het frame van de ruitenwisser van onze Hymer camper is binnen een kwartier keurig gelast. Over onze Hymer B 544 zijn we zo langzamerhand niet zo erg meer te spreken, er mankeert nogal eens wat aan. Eerst hebben we onderweg storing in het elektra als gevolg van spontaan afbrekende kabelschoentjes en nu dit. En voordat we van huis vertrokken hebben we onze Fiat versnellingsbak moeten laten repareren, hetgeen een behoorlijke kostbare reparatie bleek te zijn. Dit is derhalve ons 3e mankement in betrekkelijk korte tijd.

7. Terug naar Tanger.

anuit Meknes gaan we verder noordwaarts en via Ouarzazane rijden we naar Chefchaoun waar we op de camping, die boven de stad is gelegen, overnachten. Het is jammer dat het nog steeds koud en regenachtig is, hierdoor lijkt het minder mooi en is het bepaald onaangenaam om een wandeling te maken. Als we s’avonds in hotel Assmaa met de groep koffiedrinken moeten we onze jassen aan houden want er is geen verwarming. Ook lekt het her en der.
Chefchaoun is overigens een heel leuk stadje, fraai gelegen tegen een berg.

Onze laatste etappe voert ons naar Tanger, we rijden een route via Tetouan richting Sebta(of Ceuta) en via de S 704 langs de kust naar Tanger. Dit is een bijzonder fraaie route met af en toe prachtige uitzichten over de Straat van Gibraltar.Onze laatste nacht brengen we door op de camping bij de grotten van Hercules, een heerlijke beschutte camping waar we lekker luw kunnen staan. In een nabijgelegen hotel-restaurant hebben we s’avonds het afscheidsdiner waarbij tijdens het diner herhaaldelijk de stroom uitvalt. Maar bij kaarslicht is het ook prima dineren. Uiteindelijk valt het licht helemaal uit en moeten we in pikkedonker met behulp van een zaklaarntje de weg terug naar de camping zien te vinden.

Omdat de ferry de volgende morgen om 8 uur zal vertrekken besluiten we om reeds om 6 uur te vertrekken naar de veerhaven, je weet het maar nooit hier. Als je de veerhaven nadert spelen zich weer dezelfde chaotische taferelen af die we van de aankomst kennen. Mensen proberen je tot stoppen te dwingen om je er dan van te overtuigen dat je hun hulp nodig hebt om alles te regelen. We zijn inmiddels wat gewend en rijden door tot de douane. Je moet je gewoon van niemand wat aantrekken, je kunt zelf heel gemakkelijk alles regelen.

Ons plan om lekker op tijd aan de overkant te zijn valt echter in duigen want de ferry blijkt vandaag(vrijdag)niet om 8 uur maar om 1 uur s’middags te vertrekken, dit tot grote ergernis van Klaas, onze reisleider.

We varen terug met de snelle ferry naar Tarifa en bij het verlaten van de boot nemen we afscheid van elkaar. Dat we elkaar onderweg nog zullen ontmoeten weten we dan nog niet.

We kunnen nu eindelijk weer eens lekker doorrijden, pas nu merken we hoe slecht de wegen in Marokko over het algemeen zijn. Via de Spaanse oostkust rijden we noordwaarts om via Frankrijk naar huis terug te keren. We kunnen terugkijken op een prachtige ervaring.

dank aan Chiel de Graaf voor zijn reisverhaal Marokko een andere wereld.

Urbano
Urbano
SEC Construction
SEC Construction
Ruwelka Verzekeringen
Ruwelka Verzekeringen
Dicar Motorhomes
Dicar Motorhomes
Denys Motorhomes
Denys Motorhomes
Autobedrijf De Cock (DCR)
Autobedrijf De Cock
CTM Motorhomes
CTM Motorhomes
Alpha Motorhomes
Alpha Motorhomes
ABC Mobile
ABC Mobile

Campersite.be

Account registreren

Gebruikersnaam *
E-mailadres *
Wachtwoord *
Bevestig uw wachtwoord *
Telefoonnummer
Verberg mijn telefoonnummer
Zakelijk account
Heeft uw onderneming betrekking tot kampeerauto's?
Bedrijfsnaam
Btw-nummer
Website
Contactpersoon naam
Contactpersoon E-mail
Contactpersoon telefoon
Facturatie straat en huisnummer
Facturatie postcode en gemeente
Voeg uw winkel/toonzaal toe